Carton 3

Anonieme kunstenaar, Dordrecht (?), 1596

Dit carton werd tot 1880 toegeschreven aan de glasschilder Adriaan de Vrije; in dat jaar bleek uit archiefonderzoek dat Gerrit Gerritsz. Cuyp het carton in zijn bezit heeft gehad. Uit deze informatie is toen de conclusie getrokken dat Cuyp de maker van het carton moet zijn geweest, maar tegenwoordig staat men meer terughoudend tegenover deze toeschrijving. De vermelding van Cuyps eigendom bewijst immers nog niet zijn auteurschap, hij kan ook als uitvoerend glasschilder het carton in bezit hebben gehad. Alle stroken zijn opgezet met een schetsmatige en zoekende ondertekening van zwart krijt, die in een uiteindelijke contourlijn van penseel met bruine inkt zijn definitieve vorm krijgt. Door de correcte weergave van schaduwwerking en een nauwkeurig gebruik van diverse wassingen en hoogsels in wit weet de tekenaar met eenvoudige middelen een sterk ruimtelijk effect te bereiken. Wat eveneens typerend is voor de werkwijze in deze stroken is de manier waarop de maker doorwerkt tot de uiterste randen. Normaliter bevindt zich altijd een rand niet betekend papier rondom de tekeningen, maar dat is bij deze stroken alleen in de eerste en de laatste strook aan de buitenzijde het geval. Alle andere stroken zijn meer of minder aansluitend getekend en afgewerkt. Ofschoon het hele carton nauwkeurig is uitgewerkt, is er een licht verschil tussen de linker- en de rechterzijde. Links is alles tot in detail weergegeven, terwijl de rechterzijde een enkele keer wat schetsmatiger is getekend. Blijkbaar bood de nauwkeurige weergave van de stroken A, B en C voldoende aanwijzing voor een verdere invulling van D, E en F. Voorbeelden daarvan zijn vooral in de architectuur te vinden.
Van de wapens zijn alleen die van Dordrecht en Monnickendam uitgewerkt met penseel en inkt. Acht andere zijn alleen met enkele zwarte krijtlijnen aangegeven, terwijl zes ontbreken. Ook de bijbehorende stadsnamen zijn in zwart krijt terug te vinden. Het grote cartouche onderin is in het carton niet ingevuld, maar de tekst werd een jaar later op een apart vel en in een kleinere maatvoering afgeleverd; ook dit is bewaard gebleven in het archief van de Hervormde Gemeente te Gouda. Pas op 5 februari 1598 werd het carton dat in 1596 vervaardigd was, door de kerkmeesters van de glasschilder aangekocht, zoals blijkt in een aantekening in het archief van de kerk. Een zekere Gerrit Gerritsz. ontvangt dan 36 guldens, 6 meer dan gebruikelijk was in die tijd. Daarbij moest hij wel beloven dat hij bij een tweede opdracht de tekeningen gratis aan de kerk over zou dragen. Dat laatste is overigens niet gebeurd. Het in Gouda achtergebleven carton is een keer uitgeleend voor het schilderen van het glas van de stad Dordrecht in de Grote Kerk van Edam. Dat blijkt tenminste uit een aantekening op de achterzijde van strook C2. Of alleen deze strook of het hele carton uitgeleend werd, is niet duidelijk.

Bekijk het carton van dichtbij, zie details die ontwerper heeft xxxxxxxxxxxxxx:

#

Schenkers:

de stad Dordrecht

Glasschilder:

Gerrit Gerritsz. Cuyp, Dordrecht

Afmetingen van het carton:

12 stroken, in lengte variÎrend van 247 tot 883. De breedte van de stroken varieert van 75 tot 78 cm.

Kijk rond en zie hoe groot de glazen zijn:

Details

Glas in HD #
[et_pb_popup_builder _builder_version="3.0.106" popup_source="iframe" divi_layout="146" trigger_condition="class_id" trigger_button_align="left" modal_style="1" tablet_sizes="off" mobile_sizes="off" trigger_class_id="31125" title="popup" /]