Glas 11 | De geboorte van Johannes de Doper (1562)

Koor

De voorstelling zet de geschiedenis voort met de geboorte van Johannes de Doper volgens Lucas 1: 57-64. Verschillende gebeurtenissen na de geboorte worden in één tafereel verenigd. Op de voorgrond zijn vrouwen doende de kleine Johannes te baden met aan de ene zijde de luiermand en aan de andere kant een vrouw (in paars) die de luiers verwarmt. De kleuren wit van de luiers en rood van de doek over de luiermand symboliseren reinheid en lijden. Het zijn eveneens de kleuren van Johannes de Doper en van het Goudse stadswapen. Rechtsboven zien we Elisabeth, de moeder van Johannes, in het kraambed. Op de achtergrond schrijft Zacharias, de vader van Johannes, op een schrijftafeltje (vers 63) de naam van het kind en hervindt zijn spraakvermogen. Hoger in de achtergrond stromen de mensen toe.
De benedenrand is gewijd aan Herman Lethmaet. Hij knielt links van de centraal gezeten Maria met het Kind en Johannes de Doper met het Lam Gods, met zijn voet op de bijbel, evenals in glas 19 (zie aldaar). Aan de rechterzijde knielen zijn vier erfgenamen. Allen dragen de kledij van de kanunniken. Onder aan weerszijden van de cartouche het wapen van Herman Lethmaet.

Koor

De voorstelling zet de geschiedenis voort met de geboorte van Johannes de Doper volgens Lucas 1: 57-64. Verschillende gebeurtenissen na de geboorte worden in één tafereel verenigd. Op de voorgrond zijn vrouwen doende de kleine Johannes te baden met aan de ene zijde de luiermand en aan de andere kant een vrouw (in paars) die de luiers verwarmt. De kleuren wit van de luiers en rood van de doek over de luiermand symboliseren reinheid en lijden. Het zijn eveneens de kleuren van Johannes de Doper en van het Goudse stadswapen. Rechtsboven zien we Elisabeth, de moeder van Johannes, in het kraambed. Op de achtergrond schrijft Zacharias, de vader van Johannes, op een schrijftafeltje (vers 63) de naam van het kind en hervindt zijn spraakvermogen. Hoger in de achtergrond stromen de mensen toe.
De benedenrand is gewijd aan Herman Lethmaet. Hij knielt links van de centraal gezeten Maria met het Kind en Johannes de Doper met het Lam Gods, met zijn voet op de bijbel, evenals in glas 19 (zie aldaar). Aan de rechterzijde knielen zijn vier erfgenamen. Allen dragen de kledij van de kanunniken. Onder aan weerszijden van de cartouche het wapen van Herman Lethmaet.

Schenkers:

De erfgenamen van Herman Lethmaet, deken van St. Marie te Utrecht en vicarisgeneraal van de bisschop van Utrecht, schonken het glas als gedenkteken aan de kerk. Herman Lethmaet die in Gouda was geboren, wordt beschouwd als een schakel in de wervingsactie voor nieuwe glazen onder de Utrechtse geestelijkheid na de brand van 1552. Op voorspraak van zijn jeugdvriend Erasmus werd Lethmaet toegelaten tot het hof van de Nederlandse paus Adrianus. Hij was ook werkzaam als hoogleraar aan de Sorbonne te Parijs en ijverde voor de verbetering en versterking van de katholieke kerk. Hij stierf onverwachts in 1555.

Samenhang:

Zie glas 9

Glazenier & Ontwerper:

Digman Meynaert en Hans Scrivers, neef van Meynaert, zijn de glazeniers naar een ontwerp van Lambert van Noort. De ruimtelijke opzet en renaissancistische stijl zijn typisch voor Van Noort.

Maten van het glas:

Hoog 9.88 m ; breed 2.80 m.

 zie details die vanaf de kerkvoer niet waarneembaar zijn

kijk rond en zie hoe groot de glazen zijn