Glas 3 | De maagd van Dordrecht (1597)

Noorderzijbeuk

Centraal in het Glas zien we de Dordtse Maagd in de Hollandse Tuin onder een renaissanceboog met palmtak en het wapen van Dordrecht. Deze “Tuin” (omheining) was vanouds symbool van welvaren, vrede en veiligheid binnen de grenssteden van Hol- land. Zo zien we de wapens van de steden Naarden, Muiden, Grotebroek, Leerdam, Heusden en Geertruidenberg, Weesp, Hoorn, Schoonhoven, Medemblik, Monnikendam, Enkhuizen, Schiedam en Vlaardingen. Deze behoorden niet tot de grote steden van Holland, maar bepaalden in de strijd tegen Friezen en Geldersen, mede de grenzen van Holland. Tussen 1520 en 1530 verwierf Karel V het wereldlijk gezag in Friesland, Utrecht en Overijssel en in 1543 werd Gelre door hem veroverd. Bij de schenking van het glas was de Tuin voor Holland, dat de Spanjaarden buiten zijn gebied verdreven had, zeer toepasselijk. Eén wapen, dat van Geertruidenberg, staat niet zoals de andere wapens rond de Tuin, maar is aan de omheining zelf bevestigd. Dit duidt waarschijnlijk op de terug-verovering in 1593 van de stad door prins Maurits.
Als oudste stad van Holland mocht Dordrecht het beeldmerk van de Hollandse Maagd voeren. In de vier hoeken de kardinale deugden der overheid, uitgebeeld in vrouwengestalten: Voorzichtigheid (linksboven), Matigheid (rechtsboven), Gerechtigheid (linksonder) en Standvastigheid (rechtsonder). Een triomfpoort en de wapens van de vijftien grenssteden, die de Tuin omgeven, completeren het beeld. De Hollandse Tuin was vooral aan het eind van de zestiende eeuw een symbool geworden van welvaren, beschutting, harmonie en eeuwige lente. Op de cartouche leest men de opdracht van Dordrecht.

Noorderzijbeuk

Centraal in het Glas zien we de Dordtse Maagd in de Hollandse Tuin onder een renaissanceboog met palmtak en het wapen van Dordrecht. Deze “Tuin” (omheining) was vanouds symbool van welvaren, vrede en veiligheid binnen de grenssteden van Hol- land. Zo zien we de wapens van de steden Naarden, Muiden, Grotebroek, Leerdam, Heusden en Geertruidenberg, Weesp, Hoorn, Schoonhoven, Medemblik, Monnikendam, Enkhuizen, Schiedam en Vlaardingen. Deze behoorden niet tot de grote steden van Holland, maar bepaalden in de strijd tegen Friezen en Geldersen, mede de grenzen van Holland. Tussen 1520 en 1530 verwierf Karel V het wereldlijk gezag in Friesland, Utrecht en Overijssel en in 1543 werd Gelre door hem veroverd. Bij de schenking van het glas was de Tuin voor Holland, dat de Spanjaarden buiten zijn gebied verdreven had, zeer toepasselijk. Eén wapen, dat van Geertruidenberg, staat niet zoals de andere wapens rond de Tuin, maar is aan de omheining zelf bevestigd. Dit duidt waarschijnlijk op de terug-verovering in 1593 van de stad door prins Maurits.
Als oudste stad van Holland mocht Dordrecht het beeldmerk van de Hollandse Maagd voeren. In de vier hoeken de kardinale deugden der overheid, uitgebeeld in vrouwengestalten: Voorzichtigheid (linksboven), Matigheid (rechtsboven), Gerechtigheid (linksonder) en Standvastigheid (rechtsonder). Een triomfpoort en de wapens van de vijftien grenssteden, die de Tuin omgeven, completeren het beeld. De Hollandse Tuin was vooral aan het eind van de zestiende eeuw een symbool geworden van welvaren, beschutting, harmonie en eeuwige lente. Op de cartouche leest men de opdracht van Dordrecht.

Schenkers:

Dordrecht is de oudste stad van de provincie Holland en bracht in de Statenvergaderingen als eerste van de steden haar stem uit. De steden van de provincie hadden elkaar in die tijd hard nodig. De bloei van Holland in de Gouden Eeuw was mede het gevolg van de samenwerking tussen de vele kleine steden. De zinspreuk van de Republiek luidde dan ook: “Eendracht maakt macht”.
In de loop van de zestiende eeuw werd Dordrecht door de steden Amsterdam, Leiden en Haarlem voorbijgestreefd. Dordrecht schonk

Gouda het glas, zoals de vertaling van het Latijn vermeldt: “Aan de heilige vriendschap met de vroedschap en het volk van Gouda, tot dusver vroom onderhouden en nog in het vervolg trouw te onderhouden, heeft de vroedschap en het volk van Dordrecht dit glas toegewijd”.

Glazenier & Ontwerper:

De glazenier en wellicht ontwerper is Gerrit Gerritsz. Cuyp uit Dordrecht, grootvader van de bekende schilder Albert Cuyp.

Maten van het glas:

Hoog 11 m ; breed 4.88 m.

 zie details die vanaf de kerkvoer niet waarneembaar zijn

kijk rond en zie hoe groot de glazen zijn