Glazen 45-57 | De Apostelglazen (1530-1560)

Koorlantaarn

Een aantal glazen in de lichtbeuk van het koor zijn de oudste figuratieve kerkramen in Nederland. Bij de brand van 1552 was namelijk een groot deel van het koor gespaard gebleven.
De dertien glazen bevinden zich hoog in het koor. Christus staat centraal met aan weerszijden de twaalf apostelen. De plaatsing, met de attributen tussen haakjes, is als volgt:

51. Christus als Verlosser der Wereld
50. Petrus (twee sleutels)
52. Andreas (andreas-kruis)
49. Johannes (kelk)
53. Jacobus de Meerdere (o.m. pelgrimsstaf)
48. Philippus, eigenlijk Thomas (lans)
54. Thaddeus (knots)
47. Thomas, eigenlijk Philippus (kruisstaf)
55. Bartholomeus (mes)
46. Jacobus de Mindere (winkelhaak)
56. Simon (zaag)
45. Mattheus (bijl)
57. Matthias (lans)

Glas 51 toont Christus als Verlosser met de tekst: “Ego sum via, veritas et vita.”(Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven (Joh.14: 6)).
De figuur van Christus staat niet op de tempelvloer maar er- voor, hetgeen de illusie wekt dat Hij naar de toeschouwer toe- komt.
In de glazen 48 en 47 (p. 32) stemmen de inscripties niet overeen met de attributen. In glas 48 luidt de inscriptie Philippus, maar is het attribuut een lans die eigenlijk bij Thomas behoort. In Glas 47 is de inscriptie Thomas en het attribuut een kruisstaf die bij Philippus behoort.
In de Glazen 48 en 54 (p. 32-33) zien we een knielende geestelijke. Hun identiteit is niet met zekerheid vastgesteld.
De twee wapenen onderaan glas 48 verwijzen naar twee priesters van de St. Jan.
Het linker wapen is van Jodocus Bourgeois, die in 1571 over- leed. Deze priester had zijn invloed aangewend om Gouda te behoeden voor de beeldenstorm. De tekst luidt: “Jodocus Bour- geois/theologie licenciatus/hujus ecclesiae pastor” (Jodocus Bourgeois/afgestudeerd in de theologie/ herder van deze kerk). Het rechter wapen is van Johannes ‘t Sanctius, die in 1554 over- leed. Deze priester heeft een grote maar kortstondige rol ver- vuld bij het herstel van de kerk na de brand van 1552.
Credo
In ieder glas is een tekst uit het Credo weergegeven in verkorte vorm. De volgorde moet op deze wijze gelezen worden:
Glas 50-52-49- 53-48-54-47-55-46-56-45-57, dus zigzagsgewijs.
Credo in Deum Patrem (50); Et in Jesum Christum Filium eius unicum Dominum Nostrum (52); Qui conceptus est (49); Passus sub Pontio Pilato (53);Tertia die resurrexit a mortuis (48); Ascendit in caelos (54); Inde venturus est iudicare (47); Credo in Spiritum Sanctum (55); Sanctam ecclesiam catholicam (46); Remissionem peccatorum (56); Carnis resurrectionem (45); Et vitam aeternam (57). “Ik geloof in God, deVader (50); en in Jezus Christus zijn enige Zoon, onze Here (52); Die ontvangen is (49); heeft geleden onder Pontius Pilatus (53); op de derde dag weer opgestaan uit de doden (48); opgevaren ten hemel (54); vanwaar Hij komen zal om te oordelen (47); Ik geloof in de Heilige Geest (55); een heilige algemene kerk (46); de vergeving der zonden (56); de opstanding van het vlees (45); en het eeuwige leven (57).

Koorlantaarn

Een aantal glazen in de lichtbeuk van het koor zijn de oudste figuratieve kerkramen in Nederland. Bij de brand van 1552 was namelijk een groot deel van het koor gespaard gebleven.
De dertien glazen bevinden zich hoog in het koor. Christus staat centraal met aan weerszijden de twaalf apostelen. De plaatsing, met de attributen tussen haakjes, is als volgt:

51. Christus als Verlosser der Wereld
50. Petrus (twee sleutels)
52. Andreas (andreas-kruis)
49. Johannes (kelk)
53. Jacobus de Meerdere (o.m. pelgrimsstaf)
48. Philippus, eigenlijk Thomas (lans)
54. Thaddeus (knots)
47. Thomas, eigenlijk Philippus (kruisstaf)
55. Bartholomeus (mes)
46. Jacobus de Mindere (winkelhaak)
56. Simon (zaag)
45. Mattheus (bijl)
57. Matthias (lans)

Glas 51 toont Christus als Verlosser met de tekst: “Ego sum via, veritas et vita.”(Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven (Joh.14: 6)).
De figuur van Christus staat niet op de tempelvloer maar er- voor, hetgeen de illusie wekt dat Hij naar de toeschouwer toe- komt.
In de glazen 48 en 47 (p. 32) stemmen de inscripties niet overeen met de attributen. In glas 48 luidt de inscriptie Philippus, maar is het attribuut een lans die eigenlijk bij Thomas behoort. In Glas 47 is de inscriptie Thomas en het attribuut een kruisstaf die bij Philippus behoort.
In de Glazen 48 en 54 (p. 32-33) zien we een knielende geestelijke. Hun identiteit is niet met zekerheid vastgesteld.
De twee wapenen onderaan glas 48 verwijzen naar twee priesters van de St. Jan.
Het linker wapen is van Jodocus Bourgeois, die in 1571 over- leed. Deze priester had zijn invloed aangewend om Gouda te behoeden voor de beeldenstorm. De tekst luidt: “Jodocus Bour- geois/theologie licenciatus/hujus ecclesiae pastor” (Jodocus Bourgeois/afgestudeerd in de theologie/ herder van deze kerk). Het rechter wapen is van Johannes ‘t Sanctius, die in 1554 over- leed. Deze priester heeft een grote maar kortstondige rol ver- vuld bij het herstel van de kerk na de brand van 1552.
Credo
In ieder glas is een tekst uit het Credo weergegeven in verkorte vorm. De volgorde moet op deze wijze gelezen worden:
Glas 50-52-49- 53-48-54-47-55-46-56-45-57, dus zigzagsgewijs.
Credo in Deum Patrem (50); Et in Jesum Christum Filium eius unicum Dominum Nostrum (52); Qui conceptus est (49); Passus sub Pontio Pilato (53);Tertia die resurrexit a mortuis (48); Ascendit in caelos (54); Inde venturus est iudicare (47); Credo in Spiritum Sanctum (55); Sanctam ecclesiam catholicam (46); Remissionem peccatorum (56); Carnis resurrectionem (45); Et vitam aeternam (57). “Ik geloof in God, deVader (50); en in Jezus Christus zijn enige Zoon, onze Here (52); Die ontvangen is (49); heeft geleden onder Pontius Pilatus (53); op de derde dag weer opgestaan uit de doden (48); opgevaren ten hemel (54); vanwaar Hij komen zal om te oordelen (47); Ik geloof in de Heilige Geest (55); een heilige algemene kerk (46); de vergeving der zonden (56); de opstanding van het vlees (45); en het eeuwige leven (57).

Schenkers:

De schenkers van de Apostelglazen zijn onbekend.

Glazenier & Ontwerper:

De oudste glazen 45, 46, 47, 49, 50 en 55 zijn van onbekende meester(s), maar vormen niettemin een stilistische eenheid; zij dateren uit 1530-1540.
De glazen 48, 51 en 52 zijn uit de werkplaats van Dirck Crabeth, waarschijnlijk naar ontwerp van de meester; deze dateren uit 1555-1560. De glazen 53, 54, 56 en 57 werden tijdens de restauratie van Schouten in 1921-1924 geheel vernieuwd.

Maten van het glas:

De maten van de Apostelglazen variëren tussen hoog 6.50 m en breed 2.80 m. De voorstellingen zijn m.u.v. glas 48, dat geheel gebrandschilderd is, kleiner en variëren tussen hoog 2.30 m en breed 1.90 m.

 zie details die vanaf de kerkvoer niet waarneembaar zijn

kijk rond en zie hoe groot de glazen zijn