Glas 60 | Jezus door Pilatus aan het volk getoond (1556)

Van der Vorm Kapel

Deze episode uit het lijden is volgens Joh. 19: 4-16. Rechts in het glas wordt Jezus met doornenkroon, spotmantel en rietstok (spot-koningsstaf) door Pilatus en de soldaten aan het volk getoond. Het volk heeft de keus wie met Pascha vrijgelaten zal worden, Jezus of de misdadiger Barabbas. Zijn lichaam vertoont sporen van de geseling.
Rechts van Pilatus, half verscholen achter een zuil, arriveert een jongen met een wasbekken, dat verwijst naar het wassen van de handen van Pilatus in zogenaamde onschuld (Matth. 27: 24). De meest rechts geplaatste man in de menigte op de achtergrond kruist zijn beide wijsvingers om aan te duiden: “kruisigt Hem”. Achter een tralieraam onder het bordes bevindt zich een cel, want de scène speelt zich af voor het rechthuis van Pilatus. Hier volgt Barabbas in spanning het verloop der gebeurtenissen. De figurant links van de middenste verticale raamstijl is gekleed in een zestiende-eeuws kostuum volgens de Spaanse hofmode.

In het benedendeel de schenker. In de top zijn wapen. De hond, evenals in de glazen 61, 62 en 63, dient als symbool van trouw aan God.

Van der Vorm Kapel

Deze episode uit het lijden is volgens Joh. 19: 4-16. Rechts in het glas wordt Jezus met doornenkroon, spotmantel en rietstok (spot-koningsstaf) door Pilatus en de soldaten aan het volk getoond. Het volk heeft de keus wie met Pascha vrijgelaten zal worden, Jezus of de misdadiger Barabbas. Zijn lichaam vertoont sporen van de geseling.
Rechts van Pilatus, half verscholen achter een zuil, arriveert een jongen met een wasbekken, dat verwijst naar het wassen van de handen van Pilatus in zogenaamde onschuld (Matth. 27: 24). De meest rechts geplaatste man in de menigte op de achtergrond kruist zijn beide wijsvingers om aan te duiden: “kruisigt Hem”. Achter een tralieraam onder het bordes bevindt zich een cel, want de scène speelt zich af voor het rechthuis van Pilatus. Hier volgt Barabbas in spanning het verloop der gebeurtenissen. De figurant links van de middenste verticale raamstijl is gekleed in een zestiende-eeuws kostuum volgens de Spaanse hofmode.

In het benedendeel de schenker. In de top zijn wapen. De hond, evenals in de glazen 61, 62 en 63, dient als symbool van trouw aan God.

Schenkers:

Nicolaas Ruysch, kanunnik en thesaurier van Oudmunster te Utrecht.
Later werd hij raadsheer van Robert van Bergen, bisschop van Luik (schenker van glas 14).
Ruysch speelde ook een rol, naast Lethmaet (glas 11), bij de ruime sponsoring van de glazen door de Utrechtse geestelijkheid aan Gouda.

Samenhang:

De zeven glazen in de Van der Vormkapel zijn afkomstig uit het klooster der Regulieren aan de Raam in Gouda. Voordien was het convent gevestigd in het land van Stein. Erasmus verbleef daar van 1486 – 1491. Het klooster werd in 1577 aan de stad toegewezen. Bij de sloop in 1580 werden de glazen in de nog lege vensters 20 en 21 geplaatst aan de zuidkant van het koor. Ofschoon de zeven Glazen ook in artistiek opzicht niet detoneerden, vormden zij op deze wijze toch een verward en gedrongen geheel. Tijdens de restauratie werd hieraan een einde gemaakt. Nadat de sponsor Willem van der Vorm eerst de restauratie had betaald, maakte hij het ook mogelijk om in 1934 aan de noordoostzijde van het koor een kapel aan de kerk te laten bouwen. Hierdoor konden deze glazen beter tot hun recht komen, wat trouwens een voorwaarde van de financier was.

Opvallend is, dat de schenkers in de glazen 58 tot en met 61 naar rechts kijken en in de overige Glazen naar links. Allen in de richting van het altaar. Mede hierdoor wordt aangenomen, dat het oorspronkelijke plan voor de kloosterkapel meerdere glazen bevatte: (wanneer men naar de glazen staat toegekeerd) in het centrum de kruisiging met links daarvan mogelijk nog één glas en rechts nog twee extra Glazen om het geheel te completeren.

Bijbels citaat:

“Corpus meum dedi/percutientibus et genas/meas vellentibus/faciem meam non/averti ab increpantibus/et conspuentibus (in me).” (Mijn rug heb ik gegeven aan wie sloegen en Mijn wangen aan wie Mij de baard uittrokken; Mijn gelaat heb ik niet afgewend van wie Mij uitscholden en bespuwden (Jes. 50: 6)).

Glazenier & Ontwerper:

Medewerker(s) uit de werkplaats van Dirck Crabeth, naar ontwerp van de meester.

Maten van het glas:

Hoog 3.97 m ; breed 1.22 m.

 zie details die vanaf de kerkvoer niet waarneembaar zijn

kijk rond en zie hoe groot de glazen zijn